Deze keer in het weetje van dieren met zee in de naam is het de tijd voor de grijze zeehond.

De grijze zeehond kan je onderscheiden van andere zeehonden door zijn rechte snuit. Ze zijn vaak ook groter dan gewone zeehonden. De kleur varieert van grijs tot donkerbruin, maar ze kunnen ook zwart zijn. Vrouwtjes zijn meestal lichter van kleur dan mannetjes. Het mannetje is daarnaast breder gebouwd en heeft een grotere en bredere kop. Mannetjes worden 195 tot 330 centimeter lang en kunnen wel 350 kilo wegen. Vrouwtjes worden vaak een stuk kleiner, namelijk tussen de 165 tot 250 centimeter lang en kunnen uiteindelijk wel 220 kilo wegen.

Het voedsel van de grijze zeehond bestaat voornamelijk uit vissen. Soms eten ze ook inktvissen, vogels of zelfs bruinvissen. Ze eten bijna 6 kilo op een dag maar ze kunnen ook langere tijd zonder voedsel. De grijze zeehond kan goed ruiken en zien waardoor ze goed hun prooien op kunnen speuren. Tijdens het jagen kunnen er tochten van wel 100 kilometer afgelegd worden.

Als de paartijd aangebroken is vasten de dieren. De mannetjes eten zes weken lang niks. Vrouwtjes trekken altijd terug naar dezelfde voortplantingsgebieden. In voortplantingsgebieden kunnen wel 50 tot 70 duizend grijze zeehonden zijn. Mannetjes zeehonden hebben een harem en beschermen die tegen andere mannetjes. Als een vrouwtje eenmaal zwanger is, duurt de zwangerschap 11,5 maand. Ze krijgen een jong per worp. Het jonge zeehondje word op een afgelegen gebied geboren. Moeders zijn vaak erg agressief tegen andere zeehonden. Jonge zeehonden hebben bij de geboorte een wollige vacht die ze verliezen na ongeveer drie weken. De zoogtijd duurt 16 tot 21 dagen. Als de zoogtijd erop zit gaat moeder weg. Vanaf dag 30 gaan ze meestal zelf op zoek naar eten.

Grijze zeehonden komen voor in de gematigde en koudere delen van Noordelijke Atlantische Oceaan. Je kunt ze ook zien in Nederland bij de Waddenzee. Ze komen voornamelijk voor op rotskusten en zeekliffen. Maar ook op zandbanken, riviermondingen en zandstranden.