Het derde dier van de serie dieren met zee in de naam is het zeepaardje.

De wetenschappelijke naam van het zeepaardje is Hippocampus, dat komt uit het Oudgrieks. Hippos betekent paard en kampos zeemonster. Het zeepaardje is daar dus naar vernoemt. Ook verwijst het naar het Griekse mythische wezen hippocampus.

De meeste zeepaardjes komen in warme tropenwater voor. Maar er komen ook twee soorten voor in de Noordzee.

Het lichaam van een zeepaardje: de kop van het diertje lijkt wel op die van een paard en hij heeft een lange snuit. De buik is bol en de staart is lang en oprolbaar. Zeepaardjes hebben geen schubben maar rijen knobbels of stekels en die zijn voor veel dieren te hard om op te eten. Vandaar dat ze niet veel natuurlijke vijanden hebben. Zeepaardjes zwemmen rechtop. De rugvin wordt gebruikt om vooruit te komen. De borstvinnen, worden gebruikt om te sturen. De beide ogen kunnen onafhankelijk van elkaar bewegen. Het mooie aan zeepaardjes is dat mocht er toch gevaar dreigen, ze van kleur kunnen veranderen en zelfs patronen en tekeningen aannemen.

Er zijn 49 soorten zeepaardjes en de grootte kan verschillen van 2 tot 30 cm.

Zeepaardjes hebben geen tanden, daarom eten de meeste soorten kleine kreeftachtige of vislarve. Doordat ze maar kleine diertjes kunnen eten zijn ze voortdurend bezig met eten.

De voortplanting van zeepaardjes is erg bijzonder. Voor de paring wordt een paringsdans gedaan, waarbij ook de kleuren vaak veranderen. De ontwikkeling van de eieren gebeurt in de broedbuidel van het mannetje. Het vrouwtje brengt tijdens de paring, waarbij de staarten van een koppel zeepaardjes verstrikt zitten aan elkaar, de eicellen in kleine aantallen tegelijk over naar de buidel van het mannetje. Vervolgens bevrucht het mannetje ze met zijn zaad. Het mannetje beschermt de embryo’s totdat ze voor zichzelf kunnen zorgen. Het gebeurt wel bij meer dieren dat mannetjes voor de kleintjes zorgen, maar bij vissen is dat heel bijzonder. Vooral doordat de bevruchting zelfs bij het mannetje plaatsvindt. Zeepaardjes leven vaak bij elkaar, maar dat geldt niet voor iedere soort.